Dwaalsporen in de stemwijzer

Dwaalsporen in de stemwijzer

De stemwijzer stuurt je alle kanten op. ‘Wijst’ je niet de weg, maar brengt je vooral op een dwaalspoor. Misschien geen nieuwe conclusie. Maar wij hebben onderzocht welke elementen de stemwijzer zo triviaal maken. En wat je er dan toch aan hebt. Eventueel.

Zodra de stemwijzers weer online staan barst de kritiek los. ‘Waarom staat de jeugdzorg er niet bij?’ ‘Hoezo gaan er drie stellingen over het milieu?’ ‘Niemand heeft het over de losliggende stoeptegels in mijn straat!’ Natuurlijk, de keuze voor onderwerpen is een verhaal apart. De lobby voor de onderwerpen begint al maanden voor de verkiezingen bij de sites die online-hulp voor de kiezer moeten bieden. Hoe zuiver de selectie van onderwerpen is, kun je je afvragen. Maar we moeten het doen met wat we nu krijgen.

Hoe zit het inhoudelijk dan met de vraagstelling in de stemwijzer? Wij hebben een top vijf gemaakt van opvallende dwaalsporen in de vragen en stellingen. Daarvoor hebben we aselect in drie sites gezocht in gemeenten verspreid over het hele land. Het beeld was in grote lijnen gelijk.

1. Er staan vaak meerdere discussiepunten in één stelling.

Waarop je dan je keuze voor ‘eens’ of ‘oneens’ baseert, kan nogal verschillen tussen gebruikers. En evenzo geldt dat voor de keuze van de partijen. Een dubbele onnauwkeurigheid in de zoektocht naar een match met een partij.

Mijn Stem Nijmegen

  • Wel of niet eens met subsidie
  • Wel of niet eens met 30%
  • Wel of niet eens met alleen tegels uit de tuin (misschien andere opties)

2. Bij een min of meer concrete maatregel mist de achtergrond of het hogere doel.

Daardoor kom je gemakkelijk in de knel. Je bent het wel eens met het doel (‘meer verantwoordelijkheid nemen voor x’), maar niet met precies deze maatregel. Is ‘oneens’ dan ineens ook ‘oneens’ met dat hogere doel? Of lag dat hogere doel al vast? Dan kun je je mening echt richten op de maatregel. Onduidelijk dus. Bovendien geldt ook hier: de keuze van de partijen is ook beïnvloed door die onduidelijkheid. Daarmee is ook hier een dubbele onnauwkeurigheid in de zoektocht naar een match met een partij.

3. Zonder inzicht in de consequenties zegt een keuze weinig.

Sommige stellingen vragen een keuze: meer x of meer y. Prima. Maar de meeste stellingen vragen om ‘eens’ of ‘oneens’. Een dergelijke keuze betekent vaak weinig als je geen consequenties hoeft mee te nemen in je overweging. ‘Wil je meer wijkcentra in de stad?’ Nou ja, waarom niet, toch? Tenzij het bijvoorbeeld ten koste gaat van gelden die ook naar verenigingen kunnen gaan (om dezelfde sociale functie te vervullen bijvoorbeeld).

Stemwijzer

We snappen dat de gebruikers van de online keuzehulpen maximaal 10 seconden bij een stelling willen stilstaan en met 25 stellingen maximaal 10 minuten bezig willen zijn. Dan zijn we al blij! Daar past dan geen ‘inleiding’ bij een stelling bij. Dat is – nemen wij aan – de reden dat een inleiding bij een stelling achterwege blijft. Toch is het noodzakelijk in onze ogen om te weten wat er al vast ligt op een onderwerp, welke keuzemogelijkheden er zijn en wat de mogelijke consequenties zijn. Zonder die context is elke online keuzehulp geen hulp, maar een dwaalspoor.

Wat zou je dan moeten doen om je keuze te maken?

De online keuzehulpen zijn niet helemaal waardeloos. Bij elke stelling is er per partij te zien wat hun motivatie is. Vanuit die toelichting kun je alsnog ontdekken bij welke partij je jezelf het meest thuis voelt. Ga dan als volgt te werk:

  1. Pak een kop koffie. Dit duurt even.
  2. Trechter het aantal partijen dat je wilt ‘verkennen’ tot een handvol maximaal.
  3. Lees per stelling eerst de toelichting op de stelling van die partijen.
  4. Bepaal daarna bij welke toelichting jij je voor deze stelling thuis voelt.
  5. Kijk waar die partij staat op de lijn ‘eens-oneens’.
  6. Plaats je eigen keuze gelijk met die partij.
  7. Herhaal 3-6 voor elke stelling.

We wensen je veel wijsheid. En laat je niet ontmoedigen om te stemmen. Jouw stem, elke stem, telt.