Kijkers verstaan niks van nieuwe serie Undercover, terechte kritiek?

Kijkers verstaan niks van nieuwe serie Undercover, terechte kritiek?

Het is eindelijk zover, sinds 3 mei staat de eerste Nederlandse Netflix-serie online! Het verhaal over Ferry Bouwman – een van ’s werelds grootste XTC-producenten –  houdt veel Nederlanders aan de buis gekluisterd. De serie ontvangt veel lof voor het realistische verhaal en het acteerwerk. Maar ook een flinke lading kritiek: de serie is namelijk ‘met geen mogelijkheid te verstaan’… Terechte kritiek?

‘Geen goesting in’
‘De Nederlandse Narcos of Breaking Bad!’ Maar ook is er veel commentaar. Zo wordt er geklaagd over de onverstaanbare Brabantse en Vlaamse accenten en dialecten. Niet altijd even handig, voor mensen die van ‘boven de rivieren’ komen. Gelukkig heeft Netflix voor de Nederlandse kijker de optie om de serie te ondertitelen. Maar daar heeft ook niet iedereen ‘goesting’ in: “Is er eindelijk een Nederlandse Netflix original, moeten nog de ondertitels aan.”

Taal

Dat taal hier een belangrijke rol speelt, vinden wij dan weer interessant. Onverstaanbaar is natuurlijk op het oor onhandig. Maar dat de subculturen in de serie hun eigen taal spreken, is juist een sterk authentiek element.

Taal is identiteit
De kritiek op het taalgebruik van de nieuwe serie gaat uit van een communicatief principe: taal dient hierbij tot een optimale communicatie met zoveel mogelijk mensen. Maar taal en communicatie zijn niet identiek. Want taal is méér dan communicatie. Taal is identiteit. Het is de verbindende factor binnen subgroepen en versterkt de identiteit daarvan. Daarmee is taal veel belangrijker dan we soms denken…

Restricted code
De Britse socioloog Basil Bernstein gebruikte de termen restricted code en elaborated code om de verschillende functies van taal uit te leggen. Terwijl de hoge sociale klasse voornamelijk gebruik maakt van een universele standaardtaal, de elaborated code, kent de lage sociale klasse vaak alleen een restricted code. Dat is het impliciete taalgebruik dat alleen door leden van de groep wordt begrepen. Daarmee voorzien zij zich van identiteit en markeren zij zich als lid van een groep. Het gaat hierbij om de ‘running gags’ in een groep, maar ook om de specifieke taal en dialecten van een subcultuur.

Een ode aan het dialect
Ruimte geven aan dialecten in een populaire serie, is daarmee een eerlijkere afspiegeling van de Nederlandse samenleving. Het taalgebruik van de acteurs is dan ook een goede weergave van de ‘restricted code’ van het drugskartel van hoofdrolspeler Ferry Bouwman. Samen met de woordgrappen, de platte humor en de impulsieve handelingen van de acteurs, maakt het de serie juist authentiek. Het versterkt de verbinding binnen de groep en het onderscheid tussen de groepen juist. De personages worden herkenbare en authentieke karakters. Hoe anders dan de acteurs die allemaal geen Limburgs spreken in Flikken Maastricht?

Nieuwsgierig geworden?
Onze conclusie? De kritiek op de Nederlandse serie is onterecht! Undercover geeft een unieke inkijk in de Nederlandse onderwereld. De serie is gebaseerd op een waargebeurd verhaal en gaat over drugskoning Ferry Bouwman, gespeeld door Frank Lammers. Samen met zijn ‘trofeevrouwke’ Daniëlle (Elise Schaap) verblijft hij op een camping in het Vlaamse Limburg. Het lukt hem al jaren om vanaf hier een pillenfabriek te runnen en onder de radar te blijven van de politie. Undercoveragenten Bob (Tom Waes) en Kim (Anna Drijver) proberen in zijn leven te infiltreren, in de hoop zijn hele criminele netwerk op te rollen. Het dubbelspel van de agenten blijkt uiteraard niet geheel zonder risico’s…